Net nu de hele discussie over rekeningrijden en tolheffing “le Landerneau politique” op zijn grondvesten doet schudden, en er een scheiding zo breed als de door Mozes’ staf gekliefde wateren der Rode Zee ontstaat tussen durvers en angsthazen, ook binnen de progressieve partijen en zelfs binnen politieke families, ga ik ongroen sentimenteel doen over auto’s.

Die ondingen die files veroorzaken, en kanker en astma?

En waar wij groenen tegen moeten zijn, al was het alleen maar omdat men dat van ons verwacht en de tegenstanders dat van ons hopen, zodat ze ons in het verdomhoekje der nostalgici naar paard en wagen kunnen parkeren.

Afbeelding

Net nu heb ik na bijna 17 jaar afscheid moeten nemen van mijn Opel Astma, sorry, mijn Opel Sintra.
Mijn verdriet werd enkel overtroffen door de rouw waarin de dood van mijn poes, Grisou, ook al meer dan 17 jaar lid van de familie Jellema-Goussard, mij eind december heeft gedompeld.

Terwijl we Grisou hebben doen inslapen, is er een gerede kans dat mijn Sintra binnenkort over Afrikaanse pistes hobbelt, volgeladen met mama’s in kleurige gewaden, kippen en geiten op het dak.

Ik hoop het.

Ze verdient het.

Liever dat dan naar Polen.

Trouwens, daar rijden ze inmiddels allemaal met veel nieuwere wagens, en zouden ze hun neus maar ophalen voor mijn Sintra.

Geheel onterecht, want nooit reed ik langer probleemlozer veiliger en dus sentimenteler in een auto.
Echter, ook hoe langer hoe trager hoe vuiler hoe duurder………..

Hoe kan een mens zo onecologisch dom zijn?

Ach, zoete herinneringen aan vakanties in Denemarken, Ierland, Tsjechië en natuurlijk Frankrijk.
Hoe vaak haalde ik alle 5 achterzetels (2 rijen!) niet uit de wagen om bouwmateriaal, planten, oude meubels, en één keer zelfs een volledige scooter, naar de Auvergne te vervoeren.
En terug te komen met soortgelijke rommel voor huis en tuin in Brussel….

Je kon er ook zo fijn in slapen op twee luchtmatrassen na een of ander Frans zomerfestivalletje dat behalve muziek drank produceerde, maar geen BOB’s.

Vooral niet vergeten dat ik er mijn twee zonen in leerde autorijden onder het motto: als je met een Sintra kunt fileparkeren, kan je het met elke auto.

En inderdaad, ze haalden hun rijbewijs “met de vingers in de neus”………. zonder moeilijke achteruitparkeermanoeuvres te moeten doen.

Ook mijn vele fietsvakanties had ik zonder de Sintra moeilijker kunnen doen.

Jaren lang heb ik immers bij hoog en bij laag beweerd dat een auto voor mij aan twee voorwaarden moet voldoen: ze moet rood zijn en er moet een fiets rechtop in kunnen worden vervoerd.

Na een jaar zoeken naar een goede okkasiewagen is er dus een einde gekomen aan het Sintrarijk. Overigens: ze heeft nooit de gelijknamige stad in Portugal bezocht, wel haar voorgangster, mijn tweede Kadett, een blauwe waarin geen fiets kon staan.

En ook mijn nieuwe auto beantwoordt aan geen van beide criteria.
Ze is te klein voor een fiets én ze is grijs, Pepper Dust om precies te zijn.

Maar het is wel weer een Opel.

Ik kan er niets aan doen, maar hun snoetjes doen me altijd smelten.

Afbeelding

By the way: hoe graag ik auto’s ook zie, ik ben een warm voorstander van rekeningrijden.

De kilometers die op bijgaande foto te zien zijn, reed ik in 17 jaar bijeen, toen mijn zoon nog overal te lande én in Tsjechië ijshockey beoefende.
Inmiddels rijd ik zo weinig dat ik het levende bewijs ben geworden van de wraakroepende rekensom: veel vaste kosten voor veel stilstand.

Met meer variabele kosten zou ik zeker niet minder in beweging zijn.

Ik niet.

Mijn bewustwording is al lang bezig.

Nu enkel nog helemaal geen auto meer begeren………..

Advertenties