antoineFritkot Antoine, “un institut” volgens velen, zwaar overroepen volgens anderen, maar nu dus officieel uitgeroepen tot beste frituur (zoals dat al even officieel heet) van Brussel, staat in Etterbeek.
[brusselnieuws.be/beste-frituur-van-brussel]

Mijn favoriete fritkot staat in Sint-Joost, tegenover de kerk, bij die schattige onverstaanbare Colombiaanse die het heeft overgenomen van Martin, waar ik jarenlang een trouwe klant was.
Zijn frieten waren overheerlijk – niet volgens mijn vrouw, maar wat weet een Française van “French fries” – al hield ik vooral van de tederheid waarmee hij jaar in jaar uit zijn puntzakjes (3!) over elkaar plooide en het ritme waarop hij vervolgens dit kunstwerk schudde voor de final touch: het zouten.
Bovendien was Martin een echte tweetalige Brusseleer én, voor wie nu nog niet overtuigd is, had zijn vader de vader van Antoine frieten leren bakken, zo vertrouwde hij mij ooit toe toen ik zei dat ik niet zo’n Antoinefan was.

Als versbakken schepen moest ik natuurlijk wel aanwezig zijn bij de inhuldiging van het standbeeld.
Liever had ik Michel, de zotte Zorba, die een paar meter verderop, aan de Sint-Pieterssteenweg met zijn vrouw frieten bakt, een prijs gegeven.
Meerdere zelfs: één voor zijn hoogsteigen Frans, en één voor zijn Griekse liedjes, één voor zijn moedige maar oneerlijke concurrentiestrijd met Antoine, en tot slot één voor zijn frieten.

Oneerlijke strijd omdat Antoine een instituut is, voor “Brussels” staat, deel is van “Europe”, en inmiddels in alle toeristische gidsen wordt genoemd.
Daar kan Michel niet tegen opzingen.
Hij zit namelijk aan de verkeerde kant van het Jourdanplein, daar waar in de hoofden van velen de Europese wijk – bekend en dus veilig – ophoudt en Brussel – onbekend en dus onveilig – begint.
In de hoofden en in de monden.

Antoine misgun ik zijn prijs zeker niet, want voor de promotie van Etterbeek is hij onbetaalbaar.
En zeker in de zomer prik ik graag een frietje van hem op het terrasje van “l’Autobus” met een frisse Orval.
Het maakt deel uit van de kleine pleziertjes in het leven van een “Franse Fries”.

En nu het toch over eten gaat: zondag 24 februari deelden de groenen van Etterbeek “Brussels sprouts” uit in de strijd tegen de “malbouffe”, zoals paard i.p.v. rund in uw lasagne.
Waar?
Op het Jourdanplein in de schaduw van Antoine’s standbeeld.

En waar was ik?
In Vilvoorde, om bloemen te leggen bij het standbeeld van het paard van Rik Poot, en daarna een heerlijke paardenbiefstuk te eten bij restaurant De Kuiper.
Vermomd als Friese ruiter……………..

Ps: Michel wil helemaal geen prijs of standbeeld, zo zei hij nukkig in zijn bijzondere Frans toen ik hem loofde.
Michel, inmiddels al 71, wil gewoon nog jaren frieten bakken zonder poespas en overdreven aandacht.
Omdat hij moet: zijn pensioen is te klein om nu te stoppen!

 

Ter info: http://www.etterbeek.irisnet.be/photos/inauguration-statue-friterie-jourdan

Advertenties