overgenomen van deredactie.be

vr 05/06/2009 – 09:08 Na 7 juni moet er een versterkt, groen en sociaal Europa komen. Daar waren lijsttrekkers voor Europa Guy Verhofstadt (Open VLD), Bart Staes (Groen!) en Kathleen Van Brempt (SP.A) het over eens in De Ochtend 09. Grote meningsverschillen waren er niet.

Of het nu over liberalisering van de energiemarkt ging, de nood aan een rechtvaardige fiscaliteit of de behoefte aan een sociaal Europa, de politici waren het opvallend eens over de koers die Europa moet varen. De accenten waren uiteraard ietwat blauwer, groener of roder naargelang de respectievelijke partijen, maar echte breuklijnen over de richting die Europa moet bewandelen kwamen niet naar voren.

Zo waren zowel Staes en Verhofstadt het eens dat er een sterke overheid nodig is om toe te zien dat de liberalisering van bijvoorbeeld de energiemarkt resulteert in lagere prijzen voor de consumenten.

Ook over de nood aan investeringen in een groene economie zaten beide lijsttrekkers op een dezelfde lijn. “Ik blijf achter de uitstap uit de kernenergie staan, maar we moeten fors investeren in hernieuwbare energie. Energie moet niet alleen geconsumeerd worden, maar ook geproduceerd worden door de klant”, zei Verhofstadt. Hij vergeleek de toekomstige energiemarkt in Europa met een soort van internet. “Inderdaad, waar de consument energie kan uploaden en downloaden”, viel Staes hem bij.

Europese kopgroep?

Van Brempt hamerde op een rechtvaardige fiscaliteit in Europa en op de nood aan een sociaal Europa. Staes vroeg aan Verhofstadt of hij de liberale fractie in het Europees Parlement socialer zal maken. Het liberale kopstuk antwoordde meteen positief op die vraag. Verhofstadts voorstel om een sociaal-economische regering te vormen binnen de eurozone droeg dan weer de goedkeuring van zowel Van Brempt en Staes weg.

Volgens de oud-premier moet Europa verdergaan met een kopgroep als een aantal sceptische lidstaten niet mee willen gaan. “En wie niet mee wil, moet er maar uit”, verklaarde Verhofstadt, verwijzend naar het Ierse “nee” op het Verdrag van Lissabon. Europa moet inderdaad verdergaan, meent Van Brempt, maar een lidstaat echt uitsluiten vindt ze ietwat overdreven. Staes wil dan weer dat de Europese kiezers een duidelijk model voorgeschoteld krijgen en dat ze zelf moeten kiezen of ze willen meestappen in het Europese verhaal. Wie niet mee wil, moet dan maar zijn conclusies trekken, aldus Staes.

Het debat over een Europese kopgroep was dan ook illustratief voor het debat tussen de Vlaamse lijsttrekkers voor het Europees Parlement. De strategie en bepaalde accenten kunnen verschillen, maar over de koers die Europa moet varen, is er een opvallende eensgezindheid.